Vergeten lijkt misschien een foutje van ons brein, maar het is juist een essentieel onderdeel van goed functioneren. Zonder het vermogen om te vergeten, zou ons hoofd overvol raken met irrelevante informatie. Vergeten helpt ons om ruimte te maken voor wat écht belangrijk is én om flexibel te blijven in ons denken en handelen.
Het brein verwerkt dagelijks een overvloed aan prikkels. Slechts een fractie daarvan slaan we op in het langetermijngeheugen. De rest wordt bewust of onbewust genegeerd of vergeten. Dit gebeurt onder andere in de hippocampus, een hersengebied dat betrokken is bij geheugenopslag. Recent onderzoek (bijvoorbeeld van Blake Richards en Paul Frankland, 2017) laat zien dat vergeten niet per se wijst op een zwak geheugen, maar juist op een actief proces waarin het brein informatie selecteert op relevantie.
Een bekend experiment illustreert dit goed: proefpersonen die een lijst woorden moesten onthouden, presteerden beter wanneer sommige irrelevante woorden later “vergeten” mochten worden. Het brein bleek flexibeler en efficiënter te zijn wanneer het niet alles hoefde vast te houden. Het doelgerichte vergeten maakte het makkelijker om belangrijke informatie naar boven te halen.
Vergeten draagt ook bij aan emotionele verwerking. Denk aan pijnlijke herinneringen die in de loop van de tijd vervagen. Hoewel ze niet volledig verdwijnen, verliest de emotionele lading vaak aan kracht. Dit helpt ons om veerkrachtig te blijven en door te gaan met ons leven.
Praktische tip: Maak je geen zorgen als je af en toe iets vergeet. Dat betekent niet dat je geheugen slechter wordt — het is juist een teken dat je brein efficiënt werkt. Focus op wat belangrijk is, en geef jezelf de ruimte om irrelevante details los te laten.

